heengaan van

  • Zondagse Zingen over Zijn &Zin

    Afbeelding 141

    Zondagse Zingen over Zijn, Zinnen en Zin

    Het overkomt me wel eens dat ik ter wille van een gedenkmis voor een familielid of zo, de binnenkant van een kerk nog eens zie, uitvaarten en toeristische uitstappen niet meegerekend. Een naargelang de gelegenheid of het aantal te herdenken, grotere groep van een mensen, is dan samen, en onder begeleiding van de kranige koster die alle pastoors heeft overleefd, worden er onder leiding van de lekenvrouwen een halfuurtje gezangen gezongen en tekstjes voorgelezen.

     

    Het heeft wel iets, het samenzijn van  nog een 25 tal mensen die je bijna nooit ziet, maar waarvan je het bestaan kent van in de tijd dat je net jong en oud genoeg was, om net nog het allerlaatste stukje van het sociale leven van dorpsmensen zonder tv te hebben meegemaakt…’je weet wel hoe het was, het vee, de boerderijen, een kar die ratelt over de keien’, zoals Wim Sonneveldt zong…zingt…je hoeft hem maar te draaien…een stukje eeuwigheid bestaat dan toch al.  Zoals die andere stukjes eeuwigheid : kijken in oude fotoalbums, herinneringen aan die lekkere koude schotels van je tante in de Ardennen, die paar zondagse uitstappen met de oude bedrijfskamionette, richting Semois, Lesse en leistenen daken. 

    Ik heb eens ooit in een boek over electriciteit gelezen dat men zich in een gebouw met hoge wanden soms almeteen ‘beter’ voelt, net zoals in een bos met hoge bomen trouwens en dat zou dan ondermeer te maken hebben met het feit dat de energie in die structuren je eigen energiebanen ‘rechter’ trekken.  In ieder geval verveelt men zich onder het bewind van de leken in de kerk minder dan in de tijd dat ik als buitenjongen, de Latijnse taal van de gewezen kolonisators van 2000 eerder, een beetje onder de knie moest hebben om de mis te ‘dienen’.   Eerst na de vernederlandsing van de diensten begon ik me eerst vragen te stellen, want plotsklaps verstond je alles wat er gezegd werd.               Ik begreep als kind niet waar Rome naar toe wilde met het deel dingen die echt niet konden zijn (over Einstein, de bigbang en zo gaf men op school nog weinig ).  Ik begreep bepaalde fenomenen niet ,zoals : de onbevlekte ontvangenis, ‘ik ben niet waardig voor U aangezicht te staan’, ‘omdat hij verrezen is’, het laatste oordeel en alle graven die zouden opengaan.  Dat laatste was misschien een profetische hint naar de omgekeerde beweging van de bigbang, de implosie dan…en alle straling, waaronder de onze, die dan bijeenkomt en onder weer toenemende druk bij de volgende bigbangexplosie weer uiteengaat om via het vormen van weer het eerste atoompje, celletje…weer spelletjes te gaan spelen, zoals ik nu nog, nu ik me achter dit klavier niet meer in een Latijnse mis zit te vervelen en af te vragen ‘waarom’.  Niet dat ik me niets meer afvraag, U toch ook ?

     

    Nee, ik merk dat het dogmatisme bij vieringen toch een beetje plaats heeft moeten ruimen voor een zinniger woordgebruik , ook sommige pastors hebben dit door…alleen de top is er nog niet klaar voor, zo een beetje zoals in de politiek precies.  Als je ,op je eigen filosofische, menswetenschappelijke  manier in het eeuwige gelooft en je krijgt een zekere ouderdom, merk ik;stoor je jezelf niet meer zo aan het woordje ‘God’ dat om de haverklap door de grootste begijnen, zowel als de ergste politieke gangsters gebruikt wordt.  Je denkt aan het ‘Goede’ en zingt mee.   Nog gezonder als zingen onder de douche, denk ik.

     

     

    Bij het schrijven van deze laatste alinea komt mijn jongste binnen met de mededeling dat mijn laatste oom vanmorgen na zijn eerste paar dagen in het home, overleden is.  Tijdens de herdenkingsmis van zijn vrouw die zo goed koude Ardeense schotels maken kon.  Het leven is soms zo mooi en triestig dat het tot enkele geluidloze tranen toe bewegen kan…ik draag de mijne en dit stukje, dan ook aan oom en tante op.  Rusten in vrede, een paar uur eerder nog gezongen, het weze eenieder bij leven, bij dood en in afwachting of wat dan ook gegund.           octo29/03/09