Jef Russel huilt

S5000129


Jef Russel huilt

Onvermijdelijk belanden ook sommige oude kerstwensen een dag bij het oud papier.  Papier is papier, dus trok ik het liedje maar uit de kaart, als je ze opende trad de concertzaal toch niet in werking.  Dat was buiten het jarenlange stilzwijgen van de componist, de uitvoerders en de makers van de chip gerekend.  De lentezon scheen en ik dacht, verdorie is er een bepaalde mutatie opgetreden bij de mussen of vinken ?  Ze zongen allen hun lentelied in de zon, maar er klopte iets niet mee.  In de buurt van de vuilbak werd het me duidelijk dat ook deze lente de vogels dezelfde wijsjes zullen fluiten.  De muzikale versie van de kersthit ‘Gjingle Bells all the way’ protesteerde en wou uit de plaatselijke vuilbak van de geschiedenis.  Ach, dacht ik, laat ze hun laatste adem met z’n allen maar uitblazen op de keukentafel.  Ze hadden bepaald de smaak te pakken, want toen ik na een uurtje beneden kwam was het noch steeds Kerstmis in de bijna lente.  Lang hield ik de eindeloze herhaling van het deuntje niet vol en ik zette het voltallige orkest buiten  op de vensterbank, zodat de buurt zachtjes kon meegenieten van mijn late nieuwjaarswensen. 

Terug naar boven dus, wat rusten en werken in rust.  Na een tijdje hoorde ik één van de honden, het kleintje echt een beetje voorouderlijk wolfachtig huilen.  Je kent dat wel zo met korte pauses…’ahoehoe ahoehoe…’ zoals wij roepen als ons iets niet aanstaat, dacht ik een seconde voordat mijn euro viel.  Het kerstorkest  zat nog altijd ‘kapit’(dialectwoord voor ‘met volle teugen’) te geven.  Er drong zich maar één maatregel meer op om tijdig alle eventuele milieuambtenaren van onze drempel te houden.  Ik ontpopte me tot een gediplomeerde DOVO-werknemer (dienst ontmijning van ontploffingsmechanismen) en na het saboteren van twee draadjes blies 1997 zijn laatste adem dan toch uit.  Alhoewel, mijn fantasie raadde me aan van het muziekinstrumentarium apart in een doosje te stoppen; wie weet kan ik er binnen een jaar of tien nog een kind blij en verwonderd laten door opkijken.  Dat is het wachten wel waard.  De Jef Russel kon er achteraf ook mee lachen, toen ik zijn hymne op een stoel in de tuin imiteerde sprong hij in  een bovenhondelijke inspanning met één sprong op mijn schoot en ging compleet uit de hondebol.  Ongeloofelijk blij hondje, nu hij niet meer in de garage drolt, moet hij toch nog leren het niet meer voor de deur van zijn huisje te doen.  Hij verstaat het als je het hem zegt, maar hij lacht je vierkant uit.  

Zijn collegahond Jean had minder geluk, een pracht van een verdwaalde teef  van zij hoogte,kwam bij de honden aan het hek, maar hield het voor bekeken.  Natuurlijk, als je er met zijn twee op te blaffen staat.  Ik heb het de rest van de week bij Jean verkorven, want hij vindt dat ik het hek had moeten opendoen.  Stond ik daar toch wel vanuit enkele aangeleerde gedragsregels de Schepping in de weg.  Hoe kan ik het goedmaken Jean, zal ik even een oproep plaatsen aan de lezers met een hondeteef…ik zal er bij zetten dat ik de eventuele kroost wel aan de man zal brengen.  Of hoe gaat dat in de hondewereld Jean, waarschijnlijk is het de eerste keer ‘de tijd van het jaar’ en gelukkig riek ik niet zo goed als gij.   Ja, beste lezer, het zijn soms de kleine dingen die de batterij het meest bijladen. Zoals ook de bijgedachte rond de wantrouwige, veroordelende blik en vraag rond de vreemde hond, “die is toch niet van U zeker” ,van de vrouw die al eens in de kerk voorleest bij de jaarlijkse herdenkingsmis voor vader bijvoorbeeld.  'Wat is die vrouw toch veel mooier en wat klinkt ze hemelzoet en gedreven als ze uit ‘Spreuken ’ of een andere tekst van vroegere zoekers voorleest '.

Octo 17/03/09

 

De commentaren zijn gesloten.