Vrouw, Trouw, Rouw

S5000233

Er bestaat een enorm aanbod van boeken met theorieën over de menselijke psyche.  De praktijk van het leven; partners, vrienden, familie, mensen onder mekaar, brengt echter nog de meeste inzichten mee om al die theorie naar waarde te kunnen schatten. We willen tenslotten toch wel af en toe eens stilstaan met wat we hier met zijn allen lopen te doen. Kan ik U desbetreffend ook plezier doen met een gedicht ?

vrouw, trouw, rouw

Van hun sokkel gevallen , gekwetste vrouwen, mannen

Veroordeeld soms tot de vlucht

In iemands armen van herhaling op termijn

Weinig blijheid nog, die zegt

Ben blij dat je er bent

Blijf toch nog even

En toch in eenieder

Het mooie kind

Dat dit alles niet verdiende

Geen ruimte meer voor zomaar beleven

Wegduwen van inzichten

Overboord gooien van het schrijven

In het poëtische zand van vroeger

De romantiek van de maan

Lijkt een treuren om de ondergegane zon

Verduisterd door het geloof

In voor altijd wolkenvelden

 

Wortels van nare toestanden

Met soms giftige sappen van Generaties terug

Dagelijkse ontgifting door het blije gemoed

Toen anderen, kind, ouder, oudje waren

’t Moest zo zijn, nog kon het niet anders

Toch zijn wij het die nu snoeien en scheuten schieten

De takken van het NU bepalen

Onze koers uitzetten

In de liefde zijn diploma’s weinig van tel

Je snapt het waarom toch eerst

Als je van school wordt gegooid

Of zelf vindt dat er niets jouw passend te leren valt

 

Je valt in het beste geval op het mooie in anderen

Met wat geluk blijven de boze tongen

De haat in de ogen, de angst in het hart

De angst in de ogen, de haat in het hart

Afgunst en ziekte Je bespaard

Na alle lief en leed het penibele isoleren

Het lief koesteren, wijsheid doorgeven

Dingen waar men in de scholen van de productiegerichte mens

Nauwelijks tijd voor maakt

 

Nauwelijks zichtbare banden tussen zo vele personages

Ze gebeuren gewoon en vertakken zich

Vaak in wraakgevoelens, wrok

Doorgegeven, verergerde ijdelheid, angst, hebzucht

Talrijk zijn de namen der vervuilde rivieren

Hun bronnen beginnen met ‘té’ of ‘over’ en ‘nooit’

Te beschermend, te emotioneel, te intiem, te macho, te soft

Te begrijpelijk, te toegeefelijk, te breed, te eng

Te  het zal me worst wezen, of té juist niet juist genoeg

Te hopeloos, omwille van denkbeeldig niet genoeg graag gezien

Wat natuurlijk met je zelf beginnen moet

Overgevoelig, overdaad, overzichtsloos

Nooit rustig, nooit genoeg, nooit tevreden

Minder ernstige gevallen beginnen met ‘zelden’

Zelden een verlaten gevoel, zelden een drang om teveel

Teveel wat een mens niet aankan

 

Korter bij je gezondste evenwicht, draag je, deel je zorgen lichter

Daar waar het moet en nog kan

Waar het licht nog ergens binnenpiept

Niet alle rolluiken in soms ongeneeslijke boosheid zijn toegegooid

De genetica, de doorgegeven en zelf opgestapelde karma

Eisen soms tol na de erosie van persoonlijke keuzen uit passie

Het hart heeft het moeilijker met goed en fout dan het verstand

Het puriteinse ‘goed’ en ‘slecht’ ,simpele maatstaf zonder bochten

Makkelijk gezegd, leren leven met, slingert zich ook  kanten op

Eigen verborgen en open en bloot agendaatjes genoeg

Het verleden van nog anderen er weer bijnemen, soms evident

 

 

De goede zeden, wat was dat ook alweer ?

Het verlangen van man en vrouw naar geborgen rust

Een soort immuniteit tegen het vaak verscheurende instabiele

Veroorzaker Veroorzaakster van veel emotionele ellende

Die met de navel  hoog in ’t vaandel, niet rijper maakt

Hoe kalmer men leert blijven

Hoe meer het drakerige je soms met lava van vroeger onderspuwt

Ach hier wordt vruchtbare grond geboren, je keert weer

Na nog eens een uitbarsting

Trek je naar een hoge berg omwille van zuiverheid, overzicht

Niet beseffend dat het ook eens een vulkaan kan zijn

Moet je je dan definitief op de vlakte houden ?

Hoe dieper het inzicht, hoe meer je soms zwijgen gaat

Waarheid doet vaak de stoppen doorslaan

Je kan pas waarschuwen voor trillingen,barstende kratermonden

Juist omdat je allerlei nuances en pijn mocht leren kennen

Leer er jezelf en dan eerst anderen mee omgaan

’t Belangrijkste blijven echter de inzichten, voedsel voor de geest

Blijheid inspireren, onverschillig evenwicht midden turbulenties

Blijheid die, te opgeblazen ballonnen, kinderlijk doorprikt

Een deel van ons,reddingsboeien voor andere schipbreukelingen ?

Uitzendkrachten naar daar waar pijn het leven overwoekert ?

Het leven soms gezelschapsspel tussen de waan en het gemeende

 

Soms een geluk niet onvoorwaardelijk meer lief te hebben

Meevoelen heeft soms zin, mee lijden meestal overbodig

Vermoeidheid door mee te lijden belast de sterkste schouders

Anderen kunstvleugels geven waarmee ze zich te pletter storten ?

Eigengekweekte vleugels knippen en dan een vreemd soort rust ?

Je eigen kritisch herbekijken kan ruimte maken voor een ander

Ook al is die vaak lichamelijk overschatte ontrouw niet in ’t spel

Ook al sterft men op ’t eind van z’n leven maar een stuk

Laat het hart de nagels voor de kist zoveel mogelijk zelf kiezen

Laat de logica je voor zelfkruisiging behoeden

Hoe ouder je wordt des te oordeelkundiger laat ons hopen

Is het waar zoals een Libanees dichter, Kahlil Gibran, ooit zei

“we kiezen onze vreugden en smart lang voordat we ze beleven”?

Dat we altijd zijn daar waar we het meeste nodig zijn

Valt te betwisten in het geval van het rekken van pijn

Ook in genetische predestinatie valt wel in te grijpen.

Of we blijven het onvervulde deel van anderen hun leven

Man. Vrouw. Objectieve. Subjectieve. Fysica. Chemie

Nooit volledig te scheiden, afzonderlijk en samen begrijpen

Het  ‘andere deel’, van het geheel begrijpen en aanvoelen

Belangrijker dan abstracties over goden en dood of niet

Blijvend de symbolische interacties tussen hem&haar  observeren

Vanuit een rust, niet alleen omwille van biologische intelligentie

Naar een andere dimensie weggekust                   octo 16/03/09

 

De commentaren zijn gesloten.