de vader en het einde

100_0732

Iemand genaamd ik, wou onze vader op wat misschien z'n sterfbed zou kunnen zijn, iets voorlezen, want de tv hoefde voor hem niet meer. Het was een stuk uit een nieuw testament dat hij in de kliniek vond. Hij wou eigenlijk misschien niet meer dat ik iets voorlas en echt van mens tot mens kunnen klappen lukte tijdens zijn leven weinig.


Aan stilte had hij vaak genoeg...gevolg van niet-uiten kunnen ...of gevolg van teveel weten...het grootste deel van z'n leven had hij teveel werk en draaide haast al onze gesprekken om het werk. Onze gesprekken gingen dus veelal alleen over het bedrijf, de fruitteelt, de fruithandel...en dan bleef het gewoonlijk bij bevelen, niet veel complimenten en als de één zelf al eens initiatieven pakte...was het nogal eens verkeerd want de plukkers bijvoorbeeld moesten niet aan de oostkant maar aan de westkant van de boomgaard beginnen plukken hebben bijvoorbeeld. De zoon was hem nog altijd dankbaar voor de manier waarop hij was...anders had hij in het bedrijf gebleven en nooit geschreven wat hij al heel z'n leven geschreven heeft. De mens had het gewoon te druk om rustig te zijn. Het stuk dat de zoon had willen voorlezen ging over de echtscheiding, onder 'Korintiers' geloof ik. Waarom wou hij juist dat stuk voorlezen ? Te ingewikkelde levensopdrachten, om zo maar uit te leggen binnen het kader van dit schrijven.

Vroeger reed hij 's nachts met z'n vrachtwagen volgeladen met het fruit van door de seizoenen heen of terug met de lege bakken door de nacht van het buitenland. Bij avond keerde hij eens voor de laatse maal terug van de dokter van het hart die hem niet veel goeds te melden had. Hoe lang was het geleden dat hij nog een in een auto gezeten had 's avonds ? Ik zag dat het hem goed deed, alleszins toen hij van het doktersbezoek af was en we terugkeerden. Misschien zegt hij in 't vervolg wel eens ja als ik hem overdag wat van zijn buitenzijnkamerwereld wil laten zien. Zelden was hij norse de gevangene van het idee 'een rolstoel, dat had mij niet mogen overkomen, ik ben toch een goed mens'. Hij nam z'n situatie overwegend positief op. Hij is een goed mens. Maar de jacht van soms in iemands hoofd heeft heel veel redenen van voorbijgaande aard...en wordt eens op welke manier dan ook...gestopt. Als je 21 bent en je moet je verstoppen om niet door fascisten naar oorlogskampen versleept te worden terwijl je net temidden van die waanzin in de vochtige sluipkelder opgelopen tbc overwonnen hebt...ga je keinuchter tegen de wereld aankijken, geen tijd voor romantiek, kunst...je wil blijven overleven. Iets graag doen is dan niks...het is je werk dat telt om het werk, geen tijd om over het leven te filosoferen.


Een dag werd het duidelijk dat de oude man stervende was. Je zegt hem dat hij geen schrik mag hebben...wat gebeuren gaat gaat gebeuren...je stuurde me toch naar kerk en school ook om te leren dat er leven na de dood was...iets waarvan ik de ware toedracht later zelf ontdekte...en nog ontdek...ook nu je lijkt te gaan sterven...ook in februari zoals jouw vader ? Als je rechtstreeks met doodgaan geconfronteerd wordt is de eerste indruk van 'daar is niet aan uit te kunnen dat mensen van de wereld vertrekken...' geboortes liggen me veel beter. Zelf kiezen, nadat je het verleden doorhebt, ik begin erin te geloven. Na iedere oorlog weer heropbouw, de geschiedenis van de dwang, is niet mijn weg. Het politieke wordt door het biologische en psychologische bepaald, voor het door het ekonomische bepaald wordt...met alle mogelijke negativiteit vooraf ingebakken. Een avond terug op m'n oude jongenskamer. M'n oude meubilair vervangen door dat van oma en opa van ma's kant. Wat gitaar proberen spelen, geneusd in doodsprentjes. Waar zijn ze allen naartoe ? Vertakt in genetika. Voorgoed verdwijnen kan niet.(zie m'n filosofische artikels).

Doodsgeluiden Men weegt méér met water op de longen. Men is echt fataal moe. Het hart heeft moeite met de wil om nog verder te leven, om niet dood te gaan. Vandaar het borrelend protest van keel en neus...zoals een pomp die het water in een ondergelegen kelder probeert leeg te trekken en pruttelt omdat er teveel lucht op zit. Ook als een motor die moeilijk start...weer iets waarbij ik later aan hem denken zal. Hij die sterft is in ons...maar laat hem alleen in ongeschonden, stralende, lachende vorm toe...niet in zijn pijnkanten en moeilijk zijn. Een man sterft. Een man lijdt. Nu niet meer wakker maken als hij dit door slapen vergeet.

De overkant lijkt niet te wenken. De overkant is in ons. Nog zoveel te bespreken ?Nee. Alles is gespeeld, gezegd, gevoeld, voltrokken om in de nog levenden doorgetrokken te worden. De oude leeuw, zijn vel nog bijna jong. De laatste kwinkslag, een paar dagen geleden toen ie aan z'n schoonzuster vroeg of ze dat nog kon 'kaasvla' maken, zoals ze voorgesteld had.
De eindgeluiden kabbellen intussen door als een te dikke vloeistof op een verroeste bedding.
In de nabijheid van sterven lijkt het leven soms zo onbegrijpelijk als makkelijk, zo zwaar als licht.
Niets heeft nieuwswaarde meer. Alles is. Krant ? Journaal ? Who cares...even respectvol stilstaan bij het uitbollen van dit unieke leven dat aan zovelen zoveel heeft gegeven...tot en met deze zin van hem en van m'n eigen. Wat hebben we gemeen ? We zijn eigenlijk zowel gelijken als tegengestelden. Of gelijken met een andere levensloop.
's Morgens. De lege kliniek. Zoals heel laat en heel vroeg op eender welk ander werk. Veel minder drukte. Fijn, we zijn in de dag met teveel overbodige dingen bezig. Vliegen de jaren eigenlijk, zoals ze zeggen ? Zeker als je terugkijkt op een leven, op levens. Zeker als je het geheel van de opdrachten beseft en de oneindigheid in verbindingen tussen mensen.
Geen illusies. Nee. Dat zijn het niet. De droom vermomd als dag of nacht...als slaap of wakker verklaart zich 24 uur lang opnieuw en opnieuw tot de eerste indrukken bij 't ontwaken echt begrepen worden, herdacht, hervoeld, herleefd, INGEZIEN. Vandaaruit bestel je dan de bouwstenen voor de nieuwe dag.

Opeens een herseninfarkt, de dag na een begrafenis in de aangetrouwde familie. Niet meer, moeilijk, beter en weer niet meer kunnen stappen. Van niet meer kunnen wandelen en praten naar stappen en spreken...hij zette een geweldige prestatie neer. Na het terug vooruitgaan, het weer achteruit gaan als men het leven op allerlei manieren leren doorleven heeft.
Vragen bij het sterven. Doodsgeluid en z'n variaties. Ineens het geluid van een bijtje in z'n neus, zacht gezoem...waarvoor is leven vandoen ? De weg naar de eerste cel is dezelfde als de weg naar de eerste natte zoen. Het leven, zich herhalend en verrijkend. Proces van trachten en waardigheid. Zacht vel, oud hoofd als het niet lacht. Bijgeloof. Alles wat na de tand des tijds geen herinnering meer is. Werken en leven. Het is niet zozeer dat werken dat we hier komen doen, maar wel de indrukken die we opdoen en nalaten...of wie weet meenemen. Alleen het positieve heeft hierin belang.
Blijft de zachte mens uiteindelijk over...bevrijd van al dat wantrouwige opgejaagd zijn door 't systeem en door negatieve emoties ?
Streng-strong...maar de andere kant kan ook sterk zijn. Men stelde ons kinderen een God voor, streng...zoals Pa's soms met al hun angsten streng zijn...gezegend zijn dan een aantal ma's die niet alleen streng maar zacht kunnen zijn.
Klinisch. Alle dagen bloed pakken en tests blijven doen, moet dat wel ?
Met mijn verse paardemelk als symbool, komt hij de tunnel beter door...en ik heb de luxe van hem gewoon pa te noemen , de verplegers en dokters zeggen altijd mijnheer X. Behalvel ater op de palliatieve afdeling van de eindbestemmingvan het leven. Dames, heren zo'n infarkt, komt die niet ook door al die pillenbrol ?
In de kamer met het kruisje, mee wachten op dood...een barst in het bezetsel van al die keren dat het leven hier reeds kapotbarstte, de lijdenden bevrijdend ?
Zijn schoenen staan nog warm aan de radiator, zal hij er nog ooit mee vertrekken ? "Ik hou het niet meer vol", zei hij maar toch nog dankbaar om de luchtmatras die men hem gegeven had. "Trek het je niet aan. Je krijgt zeker een hoge post in de hemel".
Er komt een moment dat men de strijd wel moet opgeven, tegen dat moment heeft hij altijd gevochten. De mens wikt...,je eigen conditie en veel iemanden beschikken.
Een neutrale filosofie en een sociaal-politiek systeem in evenwicht...en inzicht in ons gevoelsleven en dat van anderen...en er zou veel minder vermijdbare onrust zijn. Een afdeling in het hiernamaals 'stemgedrag bij verkiezingen' zou moeten bestaan...idee voor een roman.
In realiteit zal het wel zo zijn dat de nazaten altijd weer een tijd met dezelfde dingen gaan gekonfronteerd worden...waartegen de optimistische ik al van bij het typen protesteert en hier bij een nalezing in volhard.
Als iemand zelf niet aangemoedigd wordt, ga je later de mensen meer aanmoedigen... .
Dank aan de kinesist die de fluimen zacht kon lossen en het spuitje waardoor hij weer zichtbaar van z'n slaap genoot.
"Ga je werk maar doen, ga maar weg", tegen teveel maseren kon hij ook niet meer, nooit gewoon geweest veel lichamelijk
kontakt te maken. Als ge vertrekt Pa, niet kwaad vertrekken...want in feite zit in U een beminnelijke mens. Niemand moet iemand iets verwijten...want hoe het komt dat je zo of zo bent, dat is een veel te lang verhaal. Een vrouw voelt hoe het haar man en kind gaat en zal daar ook geen enorm lange uitleg aanhangen.
"Da ne beminnelijke mens zo moet afzien...betekent misschien dat de beminnelijke mens zelf al vertrokken is...terwijl de moeilijke mens zijn stijve arm probeert tot rust te brengen. Geen schrik hebben , ne mens kan ni sterven en zeker gij niet ". "Als ik je niet meer moest zien is't de laatste keer zeggen ze altijd...maar ik zal je blijven zien, denk daar maar eens over na."

"Is er nog iets dat je geire had willen doen en dat ik in jouw plaats kan doen ?"
"GEIRE is NIKS" ? antwoordt hij, waarmee mijn geduld met hem op is...altijd heeft alleen wat je MOET doen, het werk voor hem geteld...geen plaats voor mijn filosofie... . Hij mag z'n nuttige kijk op het leven hebben , ieder vlucht wel voor iets anders. Alle laatste dagen in de kliniek brengen een ander facet van 'onze vader' zijn zijn naar boven. Heeft hij zichzelf wijsgemaakt dat anderen hem door hun gedrag mede immobiel maakten...of is dat zo ? Ik besef het en durf er aan denken...da's tochal iets.

VRIJDAG 18 MAART 2005, de dag dat vader helemaal vertrok
's Morgens te negenen, het hele dorp ineens zonder electriciteit na enkele minuten wereldnieuws.
Ontbijt. Ik maak ook wat fruitsap voor m'n jongste. Hij geeft me wat van de konfituur van z'n moeder's moeder.  Hij neemt afscheid en gaat werk zoeken want men wil hem in 't zwart doen werken, daar waar hij vorige week soliciteerde. Dag zoon, wat zal de dag van vandaag brengen" ? Voor hem werk, voor mij, mijn vader bij het sterven bijstaan...al wist ik dat nog niet.
Bijna alle vensters van het huis eens opengezet. Met de kat en de hond wat bijgepraat. "Vraag niet wat je baas kan doen voor jou, maar wat jij kunt doen voor je baas". De hond leek er niet mee akkoord en de kat keek heel onverstoord. Gaan eten bij ons ma...de afwas en het praten over de toestand van pa in de kliniek. Uitzonderlijk zou ze in de namiddag niet met mij naar de kliniek rijden maar met de man van m'n oudste zus. Ik zou eerst om 1600uur arriveren...na ook in mijn filosofenchalet wat opgeruimd te hebben. Ik nam er ook twee hele mooie cd's met klassieke gitaar en vogelgeluiden mee. Gehad van een dichteres.
Nadat ons ma weer een aantal verhalen over vroeger had verteld naast het bed van haar man, bleef ik alleen met pa. Gisteren nog was hij bediend. Met Lucas de pastor hadden we over het leven van onze pa en ons moeder zijn partner sinds 62 jaar, verteld. Toen de pastoor zei 'we zullen nu samen het kruisteken maken 'vertrok' vader's hand omhoog tot z'n voorhoofd...hij hoorde nog alles wat we
zeiden. Moeder of de pastor, ik weet het niet meer, bracht z'n hand naar de rest van de windrichtingen. Heel mooi, ze was blij dat ze daar was om het te beleven...ook al was het soms zwaar voor haar.
De eerste paar uur toen ik daar 's anderendaags was,van vier tot zes, sliep hij heel rustig, al zag je dat hij het soms moeilijk had. Hij legde z'n rechterhand op z'n hart en bleef zo heel lang liggen...met de mooie muziek op de achtergrond. Op een bepaald moment werd hij meer en meer wakker. Ik vertelde hem dat toen ik en ons ma en m'n schoonbroer daar rond vieren zaten, ik van hem een heel mooi beeld binnen gekregen had, van toen hij nog jong was en op z'n kamion stond in z'n marktkleding...zo met z'n marktportefeuille met allerlei bonnen en papiertjes van bestellingen en zo in. Dit was achteraf misschien het teken dat hij vandaag volledig hersteld zou zijn. Telkens als ik nog zo'n beeld zal krijgen, zal ik misschien weten dat hij kortbij is. Al wat je hoeft te doen is misschien warm aan hem te denken...of hoef je dat niet te doen en komt die nog rondzwevende energie van hem... vanzelf binnen ?
Z'n jongste dochter en haar man en m'n jongste zoon waren al geweest en men middelste zoon kwam ook binnen nadat ik vader had verteld van het treineindstation, waar afstappen ook nog mogelijk is.
Een eindstation ligt gewoonlijk aan zee, aan het begin van een andere materie dus. "Jij zult afstappen en ook in een eindstation is er nog iets...jij zal vóór ons weten wat." Ook m'n middelste zoon begon te praten en we hadden een gesprek waaruit bleek dat onze stervende voorzaat zich om hem geen zorgen moest maken. Wat later zou ik met m'n zoon vertrekken want ik zou de nacht met ons vader komen doen. M'n oudste zus en haar man zouden me voor een viertal uur aflossen. M'n tweede zoon zou nog eens bij z'n bomma binnengaan en ik wat rusten. M'n jongste was in de dag geweest. Ik was nog maar een halfuur terug thuis of ik kreeg telefoon dat ik en m'n zus toch maar best zouden opkomen. Zo beleefden we toch nog het laatste halfuur van het moedige gevecht van vader. Het leek of hij op ons had gewacht. Ook m'n oudste zoon was aanwezig bij dit heel mooi gevecht dat eindigde in een overwinning van een veel kalmer gelaatsuitdrukking dan de kalmte zelf. Wij, drie kinderen, hadden ieder een hand op hem en ik streelde voordurend z'n linkerslaap.
De mannen bleven traanloos, (bij déze gelegenheid dan toch) de vrouwen moedigden hem onder hun tranen aan nu niet meer te vechten en zacht te gaan. Ineens de voorlaatse adem...het luchtzuigen stopte...het leek z'n laatste adem, maar hij herpakte zich nog eenmaal, nog één teug, nog één hartklop....en dan de rust, het helemaal overglijden naar het vervolg, de afstap in het eindstation.

In stilte zaten we lange tijd rondom hem...en later wisselden we onze gevoelens en praten ook nog met hem alsof hij er nog was...de rest is niet zo belangrijk, praktische zaken.Hij was heel mooi, de laatste keer aangekleed op z'n best, met z'n sportschoenen...als je z'n been aanraakte leek het wel weer een jongen. Onze jongen. De dans van het lijden ontsprongen. 82 en nog bijna geen rimpels. Nu ik dit herlees realiseer ik me dat het herseninfarkt dat hij negen jaar eerder heeft gemaakt aan zijn linkerkant gebeurde, de kant van zijn denken, de emotionele wereld, waar hij weinig tijd voor maakte was nog niet versleten...eerst sinds dan heeft hij vooral de eerste paar jaar daarna kunnen wenen telkens hij iets te emotioneels zag of hoorde.
Nee,hij was niet naar Congo gegaan. Hij had hier in België zijn strijd gestreden. Daarom deze groet vanuit Afrika naar hem.

octo

De commentaren zijn gesloten.